1990-09: Fokgroepen

Het bestuur vroeg de Fokbegeleidingscommissie (FBC) een advies uit te brengen over de taak en de werkwijze van binnen de vereniging functionerende fokgroepen. De FBC belegde een bijeenkomst op 24 september 1990, waarbij naast alle bestuursleden, vertegenwoordigers van alle bij het bestuur bekende fokgroepen waren uitgenodigd. De bijeenkomst had een oriƫnterend karakter en werd door de FBC als zeer vruchtbaar ervaren.

Op 1 oktober bepaalde de FBC haar standpunt. Sterk samengevat:

  1. fokgroepen dragen wel degelijk bij tot een betere realisatie van het verenigingsdoel
  2. Er is geen noodzaak aan het formaliseren van fokgroepen, ze kunnen functioneren binnen de bestaande kaders
  3. Het is zinvol een aantal gedragsregels vast te leggen over het zich houden aan de verenigingsfoknormen, advertenties, gebruik van de verenigingsnaam/embleem, fokadviezen, pupbemiddeling, contributie, jonge-honden-dagen. Strekking is steeds dat het verenigingsbelang niet mag worden geschaad.

Het bestuur nam het gehele advies over en legde het voor aan de najaarsledenvergadering op 28 november 1990. Er stemden 81 leden voor, twee tegen en er waren geen onthoudingen.

Bron: Boek 'De Drentsche Patrijshond' (A.J. Booij en A.H. van der Snee) , bladzijde 344